KUStlijn en strandpalen
Strandpalen
Strandpalen zijn belangrijke bakens in het verlaten landschap van zee, strand en duinen. Ze helpen wandelaars hun weg te vinden en in het geval van nood maken ze het verschil bij de snelle hulp van alarmdiensten. Maar dat is nog niet alles.
De geschiedenis van strandpalen in Nederland gaat terug naar het jaar 1840. Op initiatief van de waterbouwkundige Jan Blanken werd er langs de gehele kust om elke kilometer een paal in het zand geheid. Voor elke paal werd jaarlijks in logboeken bijgehouden wat de afstand was ten opzichte van het water en de achterliggende zeeduinen. Deze functie hebben de strandpalen nu nog steeds. Voor Rijkswaterstaat zijn het belangrijke meetpunten om de ontwikkeling van de Nederlandse kust te monitoren.

Kustlijn
Strandpalen worden gebruikt om de hoogte en breedte van het strand en het duingebied te meten. Langs de duinvoet is een basislijn, Rijksstrandpalenlijn, ontworpen met haaks daarop om de 250 m een meetlijn, raai. De basislijn en raaien zijn vastgelegd met strandpalen. Op Goeree zijn deze zwarte palen voorzien van een rode kop met daarop de lokatiemarkering van de paal. In 1990 is de basiskustlijn (BKL) t.o.v. Rijksstrandpalenlijn (RSP) vastgelegd als instrumentarium voor het 'dynamisch' handhaven van de kustlijn. De BKL is in 2001 en 2012 herzien. Ten opzichte van de BKL wordt jaarlijks de kustlijn vastgesteld.
Als er sprake is van structurele erosie (overschrijding van de norm, BKL) waardoor functies van de kustzone in het geding komen kan zandsuppletie overwogen worden. Dit is onder andere afhankelijk van de economisch efficiënt uitvoerbaarheid.
Hieronder is de kustlijnkaart van de kop van Goeree weergegeven. Duidelijk is te zien dat aan de noord-oostzijde van de Kop van Goeree sprake van erosie en aan de de noord- en westzijde landaangroei. De solid rode kleur ter hoogte van raai 1300- 1400 betekent dat de kustlijn landwaarts ligt van de BKL, de norm wordt hier overschreden. Dit zou reden kunnen te kiezen voor zandsuppletie.

Kustlijnkaart 11, 12,13 - kustvak 11 en 12 - 2015
Klik voor de kustlijnkaart van 2010 hier
Uit Bijlage 2: Onderbouwing concept suppletieprogramma 2016- 2019
Goeree Noordwest (raaien 1275-1502)
Geen suppletie in programma 2016-2019, want:
* Op de kust van Goeree treden zandgolven op. Deze zandgolven migreren met een snelheid van circa 100 meter per jaar langs de kust. Deze kustsectie bevindt zich momenteel in een eroderende fase van de zandgolf die op deze locatie in de jaren 1990 tot 2000 ‟aankwam‟. Verwacht wordt dat de migratie van de zandbanken ten westen van Goeree in de komende jaren een postieve bijdrage zullen leveren aan de ontwikkeling van dit stuk kust. De ontwikkeling van deze locatie wordt gevolgd en de uitkomsten ervan worden meegenomen tijdens de komende actualisaties van het suppletieprogramma 2016-2019.
* Door de tijdelijk optredende erosie komen nog geen functies van de kust in het geding.
Goeree Westhoofd (raaien 1525-1600)
Geen suppletie in programma 2016-2019, want:
• Vanuit het suppletieprogramma 2012-2015 staat er in 2015/2016 een strandsuppletie gepland van 500.000 m3 tussen raai 1525-1725.
• Door de tijdelijk optredende erosie komen nog geen functies van de kust in het geding.
• De ontwikkeling van deze locatie wordt gevolgd en de uitkomsten ervan worden meegenomen tijdens de komende actualisaties van het suppletieprogramma 2016-2019.
Goeree Zuidwest (raaien 1800-1900)
Geen suppletie in programma 2016-2019, want:
• In 2012 is op dit kusttraject de BKL herzien. De kustlijn ligt stabiel rond de BKL ligging. De overschrijdingen zijn beperkt.
• Er is geen sprake van structurele erosie.
Bron:
Rijkswaterstaat - Bijlage 2: Onderbouwing concept suppletieprogramma 2016-2019
Rapport Kustlijnkaarten 2015, 2014, 2010
Paalnummering
Strandpalen zijn voorzien van een nummering, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen hoofdpalen op de rijksstrandpalenlijn (RSP), de referentie 0-lijn, en hulpstrandpalen, welke geplaatst staan op de lijn loodrecht op de RSP, de raai. De onderlinge afstand van de hulppalen op 1 raai ligt niet vast. De strandpalen op de RSP staan op Goeree met een onderlinge afstand van 250 m.
Op zowel de hoofd- als de hulppaal staat de afstand tot het startpunt vermeld. Op de kop van Goeree ligt het startpunt ter hoogte van
Stellendam. Het grote getal is het aantal kilometer en de 2 cijferige getal het aantal 10-tallen meters. In geval van een hulppaal, is de lokatie af te lezen.

Hoofdpaal op Rijksstrandpalenlijn (0-lijn) op 6 km en 500 m vanaf startpunt t.h.v. Stellendam.
Halverwege zit de koperen knop voor hoogte bepaling t.o.v. NAP

Hulppaal op 6 km vanaf startpunt, 700 m zeewaarts ten opzichte van de hoofdpaal op de 0-lijn. Landwaarts wordt niet aangegeven, dan staat er niets. Dit is e derde hulppaal op de raai, te zien aan de ingekerfde Romeinse cijfer III.